Dossier WPR - VSOA Politie gehoord door de AIG

Brussel, 19/03/2008

VSOA POLITIE GEHOORD DOOR DE AIG
vervolg…..

De aanklacht vanuit VSOA omtrent de wijze waarop de federale politie de verkeersonveiligheid bestrijdt heeft heel wat deining veroorzaakt. De pers berichtte hierover uitgebreid. Een betoging was noodzakelijk om overheid en publieke opinie de ogen te openen. Een manifest over de problematiek met de pijnpunten als inhoud (intussen reeds in uw bezit) werd overhandigd aan de hiërarchische en politieke overheid.

Een gevolg was ook dat de algemene inspectie van de politie, op vraag van de commissaris-generaal (en dus ook van de minister) een onderzoek diende te openen naar de beweringen die VSOA had geuit. VSOA wenste bij dat onderzoek betrokken te worden en verzocht om te worden gehoord. Op 12 maart jl. had een onderhoud plaats tussen een afvaardiging van VSOA (nationale voorzitter en drie afgevaardigden WPR) en een afvaardiging van de algemene inspectie (de inspecteur-generaal, diens adjunct en drie onderzoekers).

Tijdens deze gelegenheid belicht VSOA uitvoerig de achtergronden waarin bepaalde verklaringen aan de pers zijn afgelegd. Zij legt (nogmaals) de nadruk op het gebrek aan middelen en manschappen om haar werk efficiënt te kunnen verrichten en de nefaste invloed daarvan op de verkeersveiligheid. Zij stelt duidelijk dat WPR verworden is tot een basispolitie-eenheid waarbij zij haar specialisatie, de hoofdreden van haar bestaan, als kerntaak niet meer of onvoldoende kan uitoefenen.

Bepaalde uitspraken en beschrijvingen omtrent deze problematiek dienen in die context begrepen. Uitvoerders dienen inventief te zijn om de opgelegde doelstellingen te behalen. De reactie van VSOA daarop is niet nieuw en dient als noodkreet begrepen. VSOA benadrukt dat geen enkel feit door haar benoemt wordt omdat zij zich houdt aan de discretieplicht tegenover haar leden. Haar rol is de spreekbuis zijn van het personeel en de problemen over te brengen waarmee dat personeel dagelijks geconfronteerd wordt.

Met dit onderhoud wenst VSOA te benadrukken dat zij reeds eerder en meermaals aan tal van personen en instanties op zowel formele als informele wijze de WPR-problematiek aan de kaak heeft gesteld. VSOA wil hiermee vermijden dat die overheden zich in onwetendheid zouden hullen. Deze stellingneming wensen zij aan het onderzoeksrapport van de algemene inspectie toegevoegd.

De algemene inspectie benadrukt van haar zijde dat het onderzoek zich niet toespitst op personen. Zij wenst enkel de gesignaleerde toestand te onderzoeken en het te kaderen in richtlijnen. VSOA krijgt kennis van de in dat kader gestelde vragen. Tijdens het onderzoek kreeg de algemene inspectie geen enkele rechtstreekse bevestiging van door personeel zelf afgelegde ademtesten. Wel bevestigden een aantal bevraagde personen dat zij weet hebben van die praktijk (en andere praktijken). Zekere hiërarchische oversten hadden trouwens zelf reeds onderzoek verricht naar soortgelijke feiten.

In de besluitvorming van de bijeenkomst komt tot uiting dat de conclusies van de algemene inspectie weinig verschillen met hetgeen VSOA heeft aangeklaagd. Hopelijk draagt dit onderzoek bij tot verbetering van de huidige WPR toestand.

De werkgroep WPR – VSOA Politie