09.03.2005

OCP 148 : 09 maart 2005

1) OKB Evaluatie van het personeel
2) OKB Deonthologische code
3) Mededeling inzake ontwerp Wet Vesalius


Dhr Koekelberg opent de vergadering.
Het punt van het verlofgeld 2005 is niet geagendeerd. Dit was wel voorzien verleden OCP. De Voorzitter deelt mee dat dit niet wil zeggen dat we vandaag hier niet op terugkomen.
De ontmoeting met begroting heeft reeds plaatsgevonden. Begroting heeft nog een paar berekeningen nodig. In functie van de kaders zou men verschillende fases kunnen ontwikkelen. Iedereen is het er over eens om deze beslissing zo snel mogelijk te nemen. We komen hier over veertien dagen op terug.
Voor ons gaat het al om een verhoging voor dit jaar en niet tegen 2009. Ook willen wij niet in fases maar voor iedereen gelijk.

1. OKB Evaluatie van het personeel
Dit KB is de getrouwe weergave van hetgeen onderhandeld werd met de vakbonden.
Wij hopen dat we snel duidelijkheid hebben wanneer dit systeem in werking gaat treden en niet zoals het vorige systeem dat nooit in werking getreden is.
Het is goed mogelijk dat een Gesco een statutaire dient te evalueren. Het is de functie die primeert.
De eerste tussentijdse evaluatie kan pas gebeuren twee jaar na inwerkingtreding van dit KB.
Het overleg in het BOC inzake de evaluatoren zal in het KB ingeschreven worden.
De overheid en de vakbonden weten dat het systeem nog niet perfect is maar we dienen met iets te starten. Alle vakbonden behalve CCOD zijn akkoord.

2. OKB Deonthologische code
We hebben gisteren de aanpassingen van de tekst gekregen die reeds verleden vergadering afgesproken werden. We gaan vandaag verder met het voorwoord.
We merken wel op dat we graag nog ingeschreven zien dat deze code boven alle andere lokaal opgemaakte codes gaat. De overheid merkt op dat niet overal dezelfde normen gelden. Dit is afhankelijk van de functie.
Voor ons is de interpretatie van sommigen een groot probleem.
Wij vrezen dat deze code een verlenging is van het tuchtstatuut. Volgens de overheid is dit niet daar er in de code geen sancties voorzien zijn.
Wij vragen de oprichting van een paritaire commissie die de code kan evalueren en dit zeker naar de lokale overheden toe en dit onder toezicht van de Minister. De overheid gaat hier volgend OCP antwoord op geven.
Verderzetting met de bespreking van de tekst hoofdstuk: Voorwoord
Enkele aanpassingen worden doorgevoerd. We gaan deze in een aangepaste tekst krijgen.
Inzake de oprichting en de draagwijdte van een paritaire commissie vraagt de overheid bedenktijd tot volgende vergadering.

3. Mededeling betreffende ontwerp Vesaliuswet
Dhr Koekelberg geeft een overzicht van de stand van zaken. Een definitieve tekst is nog niet beschikbaar maar zal ons tegen volgende vergadering vermoedelijk worden overgemaakt. We hebben eind vorig jaar een voorlopige tekst gekregen. Deze is reeds twee maal gewijzigd. We krijgen een laatste stand van zaken.
Inzake de luchtvaartpolitie is het volgend voor stel: de drie categorieën die in het basiskader ingeschaald werden worden in het middenkader ingeschaald en M2 1,M3.1, M4.1. Ze behouden dubbele hoedanigheid. Ze kunnen bij mobiliteit postuleren naar bedieningen officierenkader waar ze benoemd worden. Dit geldt ook voor de andere speciale korpsen voor personeelsleden met een dubbele hoedanigheid.
Voor de lokale recherche kan ieder lid van het basiskader OGP worden indien ze de vorming volgen en ze kunnen de titel dragen van rechercheur indien de politieraad dit beslist.
Inzake de wachttoelage is er niets veranderd.
Inzake de speciale graad voor 2+ van de ex GPP wordt er voorgesteld een graad te creëren hoofdinspecteur met bijzondere specialisatie.
Inzake de inschaling van de ex-afdelingscommissarissen 1C van de ex GPP is er niets veranderd.
Inzake de loopbaan van de ex-afdelingsinspecteurs 2C van de ex-GPP is er niets veranderd.
Inzake de baremische loopbaan van de gewezen afdelingsinspecteurs 2C van de ex GPP, laureaten van examen 2D is er niets veranderd.
Inzake de laureaten examen officieren GPP 1999 werd er besloten deze niet te degraderen.
Aanvullende toelage DGJ is niets veranderd.
Inzake de inschaling van de ex-afdelingsinspecteurs in de “rode loper”.
Blijft op 2 rode lopers. De voorrang van de brevethouders is verdwenen.
Inzake het nieuwe concept federale gerechtelijke peiler werd er besloten dat de benamingen blijven van rechercheur en gerechtelijke commissarissen, hoofdcommissarissen.
Inzake de valorisatie van de brevetten is er niets veranderd. Men kan dit valoriseren tot in de onenigheid.
Wij merken het volgende op : voor ons kan de vesalius enkel maar de punten bevatten die direct voortkomen uit het arrest van het Arbitragehof. De andere punten die in de tekst staan dienen voor ons nog onderhandeld te worden. Ook punten die nog veranderd werden in positieve of negatieve zin, dienen voor ons nog hier terug op tafel te komen waar wij dan redelijke standpunten, ook inzake aanstelling/benoeming kunnen innemen die in het belang zijn van de betrokkenen en van iedereen van de geïntegreerde politie.
De Voorzitter van het OCP wil hier niet op ingaan en zegt dat alles wat onderhandeld dient te worden ook gebeurd is. De Vesalius is een wet en dus niet onderhandelbaar.
Voor de rest is alles wat in het oorspronkelijke voorstel stond, behouden.
De regering zal dit voorstel in de kamer indienen.
Indien de laatste versie officieel is, krijgen we een exemplaar.

4. Allerlei
OT Federale politie:
We vragen wanneer we deze gaan krijgen. De Federale politie had deze bijna klaar maar diende te wachten op het interventiekorps wat nog een grote onbekende was. Dit laatste zal binnenkort opgelost geraken. Het tweede probleem in de reorganisatie van de federale politie. Er is op dit moment een werkgroep die zich hierover buigt.
Een definitieve OT kan nog een jaar op zich laten wachten.
Wij vinden dit onaanvaardbaar en vragen binnen de kortste keren een OT (voor de grote vakantie). Indien dit niet kan, zullen we voor de federale politie een stakingsaanzegging indienen.
Interventiekorps:
De regering is akkoord gegaan over de modaliteiten. Het gaat om 300 personeelsleden van de federale politie. Ze worden verdeeld tussen de tien provincies en Brussel. Ongeveer 27 per provincie. 60 % zal dadelijk te beschikking staan voor de politiezones van de provincie. Dit wordt hun gewone plaats van het werk. Het gaat om vastgelegde zones die aangeduid worden tussen de Dirco en de zones (3 à 4 zones per provincie). Indien ze geen consensus bereiken zal de Ministerraad dit doen. Het korps bestaat naast de andere gedetacheerden in de zone.
De andere 40% blijven ter beschikking van de Dirco. De helft hiervan zal ingezet worden als Hycap. De andere helft dient om punctuele versterkingen te geven aan de zones (deze worden gedetacheerd naar de zones).
De 400 andere die in de toekomst bijgevoegd worden zullen niet noodzakelijk op hetzelfde stramien verdeeld worden.
Het dossier komt hier nog terug ter onderhandeling.

We maken gebruik van cookies voor het bijhouden van statistieken en taalvoorkeur. Wij houden geen persoonlijke gegevens bij || Nous utilisons des cookies pour la tenue de statistiques et de préférence linguistique. Nous ne gardons aucune donnée personnelle